|
Pieter van der Wulp (1974) werd in Groningen geboren en begon op zijn zesde met viool. Als twaalfjarige kreeg hij vioollessen van de Duitse vioolpedagoog Ernest Frissen, en later won hij met zijn strijkkwartet tot tweemaal toe het Internationale Charles Hennen-concours in de categorie tot 16 jaar.
Aan het begin van zijn studententijd in Groningen begon hij met altviool, kreeg les van Cees Dekkers (Conservatorium Groningen) en Esther Apituley (Conservatorium Amsterdam), en werd sectie-aanvoerder van de orkesten Bragi en Nederlands Synfoniëtta. Daarnaast nam hij deel aan allerlei nationale en internationale orkestprojecten en -tournees, zoals het Nederlands Studenten Orkest, het Nationaal Jeugdorkest en Operafestival Alden Biesen (België), en speelde onder de befaamde dirigenten Alexander Liebreich, Micha Hamel en Jurjen Hempel.
Vanaf begin 2000 werd hij de vaste repetitor van het orkest van Bragi. In december van dat jaar kwam hij in contact met de vermaarde dirigent Mark Wigglesworth bij wie hij tweemaal een directie-masterclass volgde. In 2002 richtte hij het orkest Helicon op, dat op projectbasis grote werken voor kamerorkest uitvoert. Met Helicon dirgeerde hij onder meer de Eroïca Symfonie van Beethoven en het Celloconcert van Shostakovich. Met de Pulcinella Suite van Stravinsky en het werk Heronthechting van de jonge Nederlandse componist Merlijn Twaalfhoven concerteerde Helicon behalve in Groningen en Amsterdam ook in Frankrijk op het muziekfestival van Belfort.
Tijdens het 120-jarig jubileum van Bragi leidde hij een uitvoering van Romeo en Julia van Sergei Prokofiev. In 2003 dirigeerde hij Dmitri Shostakovich' 5e symfonie, onder meer in Budapest tijdens de buitenlandse tournee van Bragi. Met Bragi en Helicon werkte hij onder meer samen met de solisten Gail Gilmore, Jan Ype Nota en Stephan Heber. Tussen 2005 en 2007 was hij tevens dirigent van het Apeldoorns Symfonie Orkest.
Pieter van der Wulp studeert orkestdirectie bij Jan Stulen en Hans Leenders aan het Conservatorium van Rotterdam.
|